zaterdag, juli 15, 2006

Verzonnen verhaal uit het warme Zuiden

Carcassonne, namiddag, vrijdag 14 juli. De wagen van Discovery met Johan Bruyneel aan het stuur komt naast de Rabobankwagen rijden. "Hey Erik", roept Bruyneel door zijn raampje. Erik Breuking doet of zijn neus bloedt. "Hey Erik", roept Bruyneel opnieuw, "luister eens even". Breukink wendt lichtjes het hoofd en kijkt Bruyneel weinig geïnteresseerd aan. "Erik, we moeten iets regelen." Een golf van triomf borrelt op in Breuking. Moeten? Iets regelen? Niks moet. Eindelijk, na zeven jaar van onophoudelijke vernedering door Bruyneel en Armstrong: wraak! De grote sportbestuurder komt hem, die zo dikwijls met lege handen achter bleef, om een gunst vragen. "Wat regelen, Johan, wie regelen? Jij bent toch de allerbeste sportbestuurder, jij dirigeerde Armstrong en jouw renners altijd toch zo magistraal naar etappezeges en eindzege. Laat nu maar eens zien wat je echt kunt." "Erik, kom, zever nu niet. Natuurlijk weet ik dat mijn succes volledig afhankelijk was van Armstrong. Iedereen weet dat. Ik kon daar toch ook niks aan doen. Je moet me helpen. Jij hebt al drie etappes gewonnen, en ik sta met lege handen. Denk je echt dat mijn bazen daarmee blijven lachen? Al een heel jaar zijn ze pisnijdig door al die geruchten over het dopinggebruik van Lance. George is helemaal door de mand gegaan. In de Popo heb ik me lelijk misrekend, en daarstraks heeft Salvoldelli opgegeven. Eén grote nul is het tot nogtoe. Ik heb ondertussen ook alle boyguards moeten ontslaan. Geen kat is nog geïnteresseerd in mijn ploeg, en heel onze merchandising is nog slechts een ineengezakte pudding. Ik mis de camera's, de interviews, de bewonderende blikken. Komaan Erik, je begrijpt me toch, de Popo moet winnen vandaag." Breuking geniet met volle teugen. Hij blijft monkelend voor zich uit staren. "Verdomme Erik, jij hebt al drie keer gewonnen. Help mij, en ik help jou." Het wordt stilaan interessanter en interessanter voor Breuking. Toch nog maar zwijgen, je weet nooit wat er nog uit de bus valt. "Luister Erik, als Oscar die Ballan ringeloort, en voor de schijn af en toe een flutdemarrage uitvoert, dan staat mijn team voor de rest van de Tour ter beschikking van Menchov. We maken tempo als jullie dit willen, we stoppen af waar het nodig is. Bovendien heb ik heel goede contacten met Patrick Lefevere. Die rijdt er ook maar voor spek en Boonen bij. 'k Heb hem al zover gekregen dat hij vandaag niet zou jagen op de vier vluchters. Zo kon hij heel het Lotto-team zich laten kapot rijden voor niks. Bekaf zijn die gasten. Evans zal er in de bergen vlug alleen voor staan. En de prijs voor de etappewinst is natuurlijk voor jouw renners. En dan nog iets. Als Menchov de Ronde mocht winnen, dan krijg je mijn stem bij de verkiezing van sportbestuurder van het jaar, en je mag gerust zijn, ik heb nog een aantal andere stemmers op zak." Breuking denkt even na. Die Bruyneel schijnt dan toch wel echt iets van koers te kennen. Dan kijkt hij opzij, recht in de hoopvolle, smekende ogen van Bruyneel. Hij kan een haast onmerkbare glimlach niet onderdrukken. Hautain knikt hij Bruyneel toe. Dan rijdt hij verder.

1 Comments:

At 7/15/2006 11:25:00 p.m., Anonymous marlon vanco said...

Inderdaad, Paul, zo kan het er aan toegaan, dit is niet echt een karikatuurtje. Maar wel verdomd goed geschreven, zoals steeds.

met bewondering,
Marlon.

 

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home