woensdag, mei 31, 2006

Dikke zever

Het rommelt weet bij Davitamon-Lotto. Nog maar eens. Tijdens de voorjaarsklassiekers schoffeerde Big Boss Marc Coucke openlijk renners en ploegleiders toen hij als een olifant in een porseleinwinkel orde op zaken wou stellen in zijn slecht draaiende speeltje. De zwakke prestaties van zijn renners waren slecht voor zijn ego, zeker nu zijn vroegere partner Patrick Lefevere hem altijd en overal, minzaam, haast triomfantelijk en daarom bijna neerbuigend de hand schudde tijdens de vluchtige ontmoetingen. Quick Step dartelde van wedstrijd naar wedstrijd, omhuld in een waas van succes. Peter Van Petegem was gelukkig met die gang van zaken. Sierlijk zweefde hij naar de voorzet die zijn grote baas voor open doel trapte, en hij begon openlijk rond te bazuinen dat hij zich niet goed voelde in deze situatie. Uiteraard was hij dan ook bereid om met iedereen te praten die voldoende euro's op tafel legde, zelfs met Patrick Lefevere. En nu is er weer Wim Van Huffel, zelf verklaarde top-10 rijder in de Giro. Zijn ploegleiding had na zijn elfde plaats van vorig jaar voor hem de rode loper uitgerold: een nieuw en aangepast tweejarig contract, een mooie hartslagmeter, een ruimte van één vierkante meter in de materiaalwagen om een bak Leffe neer te poten, vrije keuze in de voorbereidingswedstrijden, een nieuwe tijdritfiets... Te gek om op te noemen. Wim moest enkel presteren, in de Giro, hoe dan ook nog steeds het kleine broertje van de Tour. Resultaat: een kleurloze prestatie, anoniem, ver achter Basso. Wat denk je dan? Wim zal stilletjes van voor af aan beginnen, werken voor de anderen, en zo opnieuw bewijzen dat het prestatiepotentieel er wel degelijk is. Niks daarvan. Rijden voor Robbie en Cadell, vergeet het. En al wat Marc Sergeant vertelt rond zijn niet-selectie voor de Tour: dikke zever. Insiders beweren dat dit niet het enige probleem is. Het rommelt in de ploeg. Misschien heeft Marc Coucke toch gelijk.

dinsdag, mei 30, 2006

Japanse methode

Voor een coach is het niet altijd gemakkelijk om uit te maken hoe ernstig hij de klachten van zijn atleten moet nemen. Moet de training gewoon voortgezet, gereduceerd of helemaal onderbroken worden? Niet eenvoudig, en een verkeerde beslissing kan falikant aflopen. Sommige atleten voelen al vlug iets, anderen moeten half dood zijn voor het woord pijn over hun lippen komt. Marc Herremans is zo iemand die niet vlug klaagt. Als hij me zegt dat hij pijn heeft aan zijn elleboog, dan geloof ik hem. Ik ben er trouwens zeker van dat hij al heel dikwijls een pijnlijke schouder of elleboog heeft gehad, zonder dat ik er iets van mocht weten. De angst om de training te moeten onderbreken, weet je wel. Pijn dus, echte pijn. De raad om een ontstekingsremmer te nemen werd, gewoontegetrouw, in de wind geslagen, evenals het advies om dokter te raadplegen. "Mijn kinesist zal dit wel even bekijken", zie hij me gisteren. Vanmorgen belde hij me, opgelucht. "Niks aan de hand, het is alleen maar een ontsteking aan de aanhechting van de tricepspees." Niks aan de hand? "En nu?", vroeg ik hem. "De Japanse methode. Gewoon verder trainen op basis van het schema dat je me hebt gegeven. Binnen twee dagen voel ik niks meer." De Japanse methode? "Dat werkt al jaren bij me, alleen bij die verdomde rug is het niet gelukt. Er zouden meer sportmannen deze methode moeten toepassen. Net heb ik er nog over gesproken met Bjorn Leukemans. Hij mag toch niet stoppen met trainen omdat zijn schouder gebroken is. Peddelt hij met die schouder misschien? Trainen, Bjorn, heb ik hem gezegd. Die breuk geneest wel vanzelf. Maar ja, hij moet er wel in geloven, en dat doet hij nu net niet." Ook ik zal er nog eens diep moeten over nadenken.

High

Vorige zondag was ik een bijzonder aandachtig toeschouwer tijdens de 20 kilometer van Brussel. Aan het 10 kilometerpunt zag ik duizenden lopers voorbijkomen, een aantal van hen nog dartel lopend. Bij vele anderen was de tred al moeizaam, en zwetend, hijgend, puffend, haast strompelend volgden ze een punt dat ze ergens ver voor zich uit hadden gefixeerd. Het werd er niet beter op tijdens de laatste drie stijgende kilometers, langs de Tervurenlaan. De verstandige lopers liepen daar nog tientallen uitgeputte en wandelende concurrenten voorbij. "Heb jij iets gevoeld van de fameuze runners high?" hoorde ik Koen Fillet aan een andere deelnemer vragen. "Runners high" is een high gevoel dat kan ontstaan door het vrijkomen van lichaamseigen morfine-achtige stoffen in de hersenen tijdens inspanning. "Neen, niks gevoeld of gezien" was het antwoord. En toch. Gisteren nog jogde ik lang heel relax door de bossen en velden van hartje Kempen, paadje in en uit, over zachte en verharde wegen. Mijn manier van mediteren, noem ik het, één met de natuur, lopend op het ritme van een regelmatige en rustige ademhaling. Op een bepaald ogenblik verloor ik ieder besef van tijd, en het werd zelfs moeilijk om de afgelegde weg nog te reconstrueren. Eén uur en veertig minuten later stond ik terug waar ik vertrokken was, een beetje high.

maandag, mei 29, 2006

Er zijn geen zekerheden meer

Ronduit imponerend hoe een vrij schriele man, gezegend met een kaal doodshoofd, en rondlopend in een sportbroekje dan nog, jarenlang, week na week tweeëntwintig testosteronebommen in bedwang kon houden. Uitpuilende ogen, gezwollen aders kronkelend over het voorhoofd, bewegende neusvleugels die ingehouden gebries niet konden verstoppen: Pierluigi Collina liet zich nooit opzij zetten door welke voetballende miljonnair dan ook. Untouchable, zo leek het toch. Collina's wil was wet, en nooit week hij één millimeter van plaats als furieuze voetballers de vereiste privézone rondom hem letterlijk met de voeten traden. Tot Collina's reputatie vorig jaar een barstje begon te vertonen. Pierluigi leek niet ongevoelig voor het grote geld. Hij hapte graag toe toen Opel, op dat ogenblik hoofdsponsor van AC Milan, hem een sponsoringscontract van één miljoen euro aanbood. Zijn handtekening op dit contract betekende meteen het einde van zijn scheidsrechters-loopbaan. De barst dreigt ondertussen een hele scheur te worden. Collina's naam wordt genoemd in een groot voetbalschandaal met algemeen directeur Luciano Moggi van Juventus in een hoofdrol. Misschien is er nog veel meer aan de knikker. Naar het schijnt gooit Jan Koller nog met al wat hij in handen krijgt als hij herinnerd wordt aan de betwiste strafschop die gastland Nederland in de laatste minuten de overwinning schonk tegen Tjechië tijdens Euro 2000. Wie leidde toen ook weer de wedstrijd? Zou Collina toen ook...? Ye in België, we kunnen ermee leven. Scheidsrechter Hoyzer in Duitsland, tot daar nog aan toe. Nederlandse voetballers die een centje willen bijverdienen, och ja, menselijk toch? Een dolgedraaide Italiaanse voorzitter van een topclub? Nooit gehoord van Italiaanse maffia misschien? Maar Collina? Er zijn geen zekerheden meer.

zondag, mei 28, 2006

Geheim

Een mens doet soms gekke dingen, zoals op deze weblog over iets schrijven waarover niet mag geschreven worden. Ik ben namelijk trainer van een zestal lopers, oorspronkelijk te omschrijven als sedentair, asportief, sommigen licht obees en te druk bezet door werk en gezin. Het doel is om deze kwieke medemensen, in een tijdspanne van ongeveer 11 maanden, voor te bereiden op de marathon van New York. Geloof me, het is makkelijker om Sven Nys mee aan de wereldtitel te helpen, en ook dat wil wel eens fout lopen. Grote gangmaker van het project is Jan Vanderstraeten (op foto wachtend op...), producer met een groot hart bij Canvas, en passioneel bezieler van dit opzet dat verfilmd wordt en in het najaar in zes afleveringen zal uitgezonden worden op de zender der intellectuelen. En juist daarom heb ik absolute geheimhouding gezworen aan Jan. Niemand zal van mij te horen krijgen of mijn lopers nog lopen, dan wel uitgeteld liggen wegens kwetsuren allerhande. Niemand zal van mij te horen krijgen wie gestart is in de 20 km van Brussel, en welke lopers, als ze al gestart zijn, de finish hebben bereikt. Niemand zal van mij te weten komen wie de training om in New York te kunnen starten heeft kunnen verwerken. Van mij, geen woord. Erewoord. Of toch. Eén deelnemer mag ik wel bekend maken, sommigen hebben er wellicht al van gehoord: radio-BV Koen Fillet, een minzaam en cultureel onderlegd man, beantwoordend aan de kenmerken die ik hoger heb aangehaald. Koen weblogt over zijn wedervaren, te bezichtigen op www.koenfillet.be. Van hem mag ik zeggen dat hij vandaag mijn groot respect verdiend heeft. Vijf maanden geleden stond Koen als loper nergens, en flirtte hij met niveau zero. Vandaag liep hij ononderbroken 20 kilometer, en dus finishte hij, ondanks een stekende pijn in de knie. Chapeau en respect! En toch ga ik stout zijn. Hierbij publiceer ik een groepsfoto van de deelnemers (toch even zoeken). Ik hoop dat producer Jan me vergeeft.

Luc, Marc, Pieter en Sven

Ik ben een tevreden man. Vorige week in Lanzarote deden Luc Van Lierde en Marc Herremans het van goed tot uitstekend, en vandaag kreeg ik het bericht van Pieter Jacobs, één van onze meest beloftevolle amateurs en wellicht onze rondehoop in donkere dagen, dat hij vierde geworden is in de eindstand van de zo zware Ronde van Navarra. Als toetje eigende hij zich daarenboven de trui van beste jongere toe. Ook van Sven Nys kreeg ik alleen maar positieve geluiden en zag ik alleen maar het allerbeste. Vorige week zondag reed hij zijn eerste kermiskoers in Lochristi, na een competitiestop van meer dan drie maanden. Met die povere specifieke voorbereiding op de Ronde van België moest hij het dan stellen. Een beetje beangstigend toch als je je in een rittenwedstrijd moet meten met renners die ongeveer 30 koersdagen in de benen hebben, sommigen zelfs meer. Het was eigenlijk de bedoeling een beetje wedstrijdritme op te doen, en een stevige "fond" te leggen voor de mountainbikewedstrijden die er staan aan te komen. Sven's eerste grote doel is immers het Europese kampioenschap mountainbike in Italië, op het einde van de maand juli. Uiteindelijk deed de ongekroonde wereldkampioen van het veldrijden veel meer dan meerijden. Hij was sterk, ik denk voor heel wat renners imponerend sterk. Haast moeiteloos handhaafde hij zich bij stormweer in de eerste waaiers, en op de Muur van Hoei gaf hij zelfs de indruk weg te kunnen rijden van de beste renners. "Ik heb maar niet te hard doorgetrokken" grapte Sven, "of ik moet in juli nog mee naar de Ronde van Frankrijk." Ik had iedere dag een tevreden, zelfs gelukkige Sven Nys aan de lijn. Meer dan ooit is hij in evenwicht met zichzelf en met zijn omgeving. "Zegt dat iets over Sven, of over zijn tegenstanders" vroeg Marc Herremans me toen we een beetje napraatten over de achtste plaats van Sven in de eindrangschikking. Ik denk dat het in de eerste plaats veel zegt over Sven, misschien zelfs over het veldrijden in het algemeen. Hebben jullie trouwens gezien wat John Gadret, één van Frankrijks beste veldrijders allemaal uitspookte in de Giro? Top-10, zelfs top-5 in de zwaarste bergritten, nadat hij enkele weken geleden met de allerbesten meefietste tijdens de Ronde van Romandië. Misschien gaan sommigen het veldrijden nu iets meer naar waarde schatten

zaterdag, mei 27, 2006

Grote kampioenen

Ik beken schuld, ik was helemaal fout. Tijdens de voorbije week nog noemde ik de vierde plaats van Filip Meirhaeghe tijdens de wereldbekermanche Mountainbike in Spa nog DE prestatie van de week. Fout, fout, fout. DE prestatie werd, ook al in Spa, geleverd door Kenny Belaey. Kenny wie? Kenny wat? B-E-L-A-E-Y, BE-LAEY. Onhoud die naam nu voor altijd. Kenny is acrobaat, crack, magiër met de fiets, en net als Stefan Everts, Raymond Ceulemans, Eddy Merckx, Johan Musseeuw, Tom Boonen e.a. grossiert hij in wereldbekeroverwinningen en in wereldtitels. Kenny Belaey is zelfs zevenvoudig (7) wereldkampioen in een veeleisende en uiterst spectaculaire discipline: fietstrial. Kenny rijdt beter op zijn voorwiel dan jij en ik op 2 wielen, hij jumpt met zijn fiets op rotsen waar wij een ladder voor nodig hebben, en vanuit stilstand springt hij over een hoogte die door een gemiddelde mens maar kan overschreden worden als hij de floptechniek goed onder de knie heeft. Met zijn fiets vlindert hij snel en dikwijls foutloos over de meest spectaculaire parcoursen. Alleen wie keihard traint en wie erin slaagt om kracht en behendigheid te paren aan inventiviteit en uithoudingsvermogen kan schitteren in deze sport. Meer nog dan Eddy Merckx is Kenny Belaey de kannibaal in zijn sport. We hebben in België trouwens nog zo'n ongenaakbare veelvraat: Benny Vansteenlant, meervoudig wereldkampioen duatlon. Ze zijn te weinig bekend, en daarom ook te weinig bemind. Maar geloof me, het zijn grote kampioenen.

Deal

Gesprek tussen twee renners, vrijdagnamiddag, ergens tegen de flanken van de Dolomieten: "Jens, ik zou graag winnen vandaag. Het is voor onze ploeg nog niet al te vet geweest. Bettini won wel een ritje, maar dat is toch het minste wat hij kon doen met zo'n contract" Geen antwoord. "Vooruit Jens, 'k heb ook nog niet veel gewonnen. Wij Spanjaarden staan bovendien al in een slecht daglicht door heel die bloeddoping affaire, en wat meer is, mijn contractbesprekingen komen eraan. Over enkele maanden word ik vader. Er moet brood op de plank komen. Komaan Jens, ik heb toch goed gereden vandaag, veel kop gedaan enzo. Nooit gehoord van "leven en laten leven"? Ik geef je er bovendien 10.000 euro voor." Jens Voigt, die de laatste vijf kilometers al zegezeker was, en tijdens de voorbije dagen met een begerig oog gekeken had naar de bloemenmeisjes, twijfelt. Jens staat gekend als een kerel met een goede inborst, een gouden hart zeg maar. Toch maar even overleggen met ploegleider Bjarne Riis. Beter dan wie ook kent Riis het klappen van de zweep. Bjarne is niet dom. Wat zakgeld voor zijn renners is altijd welkom, de roze trui is al binnen, en over enkele weken in de Tour zou een coalitie met Quick Step Basso misschien wel een stap dichter bij het de begeerde gele trui kunnen brengen. "Voor mij is het OK, Jens," zegt Riis, " onder twee voorwaarden. Ten eerste, 10.000 euro is wat minnetjes. Je vraagt 25.000 euro, te nemen of te laten. En ten tweede, je laat wel duidelijk zien dat jij de beste was, en niet die kleine Spanjaard. Een renner van mijn ploeg wordt niet zomaar geklopt." De deal is vlug beklonken, en met een bemoedigend schouderklopje stuurt Voigt Garate onbedreigd naar de finish. Zou ik de enige gefrustreerde toeschouwer geweest zijn?

donderdag, mei 25, 2006

Werk aan de winkel

Het Spaanse wielermilieu is op dit ogenblik het epicentrum van de dopingsschok die, als we de pers mogen geloven, bij uitbreiding zware verliezen kan toebrengen aan het hele Europese wielercontinent. Wat insiders al lang wisten werd met één welgerichte actie van de Spaanse politie duidelijk gemaakt aan de meest naïeve wielerliefhebber: via bloedtransfusies en een aantal gesofisticeerde medische ingrepen wordt de epotest (massaal?) ontweken. De verklaring voor een, van uit sportfysiologisch standpunt onverklaarbaar, meer en meer voorkomend fenomeen is dan ook meteen gegeven. In een ronde zien we soms renners op één, twee dagen de instorting nabij, om hen dan de volgende dag, zelfs tijdens een zware bergrit, als een feniks te zien verrijzen uit hun as. Kapot is kapot, en herstel is alleen mogelijk door aangepaste voeding, rust en/of sterk gereduceerde inspanning. Geen enkele sportfysioloog die dit zal tegenspreken. Ik hoop echt dat het hele zootje nu eens uitgemest wordt, grondig dan, tot op het bot. Tegen deze achtergrond is de beslissing van het WADA (het wereld antidoping agentschap) om het onschuldige gebruik van lagedrukkamers aan de dopingslijst toe te voegen een beetje potsierlijk. Reden: deze kamers werken prestatieverbeterend. Ik ken nog zo een aantal zaken die prestatieverbeterend werken:
  • een goede recuperatiedrank na de wedstrijd
  • trainen
  • op hoogtestage gaan
  • geboren worden en wonen op de Kenyaanse hoogvlakten
  • bij het begin van de finale van een wielerwedstrijd 60 gr suikers opnemen
  • bij iedere bevoorradingspost drinken tijdens een marathon
  • het lichaam afkoelen tijdens inspanningen bij warme en vochtige omstandigheden
  • ....

Het WADA staat nog voor een berg werk!

Nooit te oud om te leren

"57-jarige chirurg krijgt job aangeboden in één van de grootste ziekenhuizen van België. Hij heeft het vak al doende geleerd, in binnen- en buitenland. De ene keer deed hij het goed, een andere keer liep het fout. Hij werd dan ook al verschillende keren ontslagen. In Nederland mocht hij niet aan de slag, wegens gebrek aan diploma. Volgende week probeert hij in België alsnog het noodzakelijke diploma te halen." (Fictieve) horror in de medische wereld, keiharde realiteit in de sportwereld. Johan Boskamp, "Bossie" voor de vrienden, gaat immers aan de slag bij Standard. Voorheen was hij al trainer bij Lierse, Denterhoutem, Beveren, Anderlecht, Genk, de nationale ploegen van Koeweit en Saudi-Arabië en bij Stoke City. Ook het Nederlandse Vitesse had interesse voor Johan, maar daar lukte het niet. Bossie is immers niet in het bezit van het Erkende Diploma Coach Betaald Voetbal. Bij de Belgische voetbalbond is men iets ruimdenkender. Als Boskamp zijn goede wil maar toont, en zich maandag aanbiedt op de trainerscursus voor het Pro-Licence-diploma. Dan is het al lang voldoende. Het diploma zelf is immers een formaliteit. Maar wie weet, misschien gaat Bossie op 57-jarige leeftijd toch nog iets leren over een verantwoorde trainingsopbouw, supercompensatie, recuperatie, het belang van energie- en hersteldranken. Mogelijk komt zelfs sportpsychologie aan bod. Men is nooit te oud om te leren.

woensdag, mei 24, 2006

niet zeveren, presteren

Misschien was de vierde plaats van Filip Meirhaeghe vorig weekend in Spa wel de prestatie van de week. Schitterend. Meirhaeghe had zich meer dan twee jaar geleden buitenspel gezet na een positieve dopingcontrole. "Game over" luidde toen zijn eigen uiterst korte analyse van de situatie. Filip ging zich, noodgedwongen, bezig houden met andere zaken. Vorig jaar nog zag ik hem rondslenteren als toeschouwer tijdens het E.K. in Kluisbergen, bijna anoniem, duidelijk overgewicht met zich meezeulend. Die komt nooit meer terug, dacht ik toen nog. Ik was niet de enige die er zo over dacht. Coach Rudy De Bie was dan ook wat blij dat Sven Nys zijn Olympische plannen kenbaar maakte. Zo had hij opnieuw twee troeven in de hand, Sven en Roel Paulussen. Na de prestatie van Meirhaeghe wordt plots een lichtjes andere toon aangeslagen. Meirhaeghe en Paulussen verkondigen luid dat Sven niet moet denken om hun plaatsjes voor de O.S. in te pikken, en ze vinden dat Sven mee wereldbekers moet rijden in plaats van wegwedstrijden. Ze stellen zelfs zijn selectie voor het E.K. in vraag. Of hij zomaar over het hoofd van de "echte" mountainbikers mag springen, ook al zijn ze enkele klassen minder? Ook De Bie laat van zich horen, en stelt nu al dat Sven verdomd goed zal moeten zijn tijdens de mountainbike wedstrijden die op zijn programma staan. Ik ga het even anders stellen. Sven is echt wel van plan om naar Peking te gaan, en we hebben zijn programma uitgetekend in functie van dit doel. En daar horen wegwedstrijden bij. Tot nader orde is het in de sport zo dat de beste geslecteerd wordt, ook al heeft hij een jaar met de knikkers gespeeld in plaats van te trainen. Niet zeveren dus, Roel en Filip, presteren. Sven is echt niet van plan om het jullie gemakkelijk te maken!

dinsdag, mei 23, 2006

Renners zijn geen watjes

De renners zijn in de Giro d'Italia bezig aan hun laatste week. Een loodzware week trouwens, onverantwoord zwaar, zegt men. Patrick Lefevre, primus inter pares onder de sportbestuurders, vraagt bijna zelfs om een boycot. "De renners zouden bij het begin van de eerste col moeten afstappen", zo lees ik in de krant. Hoezo, afstappen? Hoezo, een boycot? Heeft Patrick te lang met een das rond gelopen? Denkt hij dat met een aktentas zeulen al zwaar genoeg is? Is hij zijn tijd van hard zwoegen en Vlaams labeur vergeten? Weet je wat de "echte" renners zullen doen als je enkele cols schrapt uit het programma? Zij spreken onderling af, en ze beginnen er maandag zelf aan, de dag na de slotdag. En ze zullen niet zomaar naar boven rijden, neen, zij rijden om ter vlugst, en de winnaar zal van al de anderen felicitaties en 20 euro krijgen. Renners weten echt niet van ophouden. Laatst reed ik 100 kilometer met een groep wielertoeristen, waaronder Eddy Merckx met twee van zijn vroegere luitenanten, Vic Van Schil en Jef De Schoenmaecker. Vic (66 jaar) vertelde me dat hij net op stage was geweest in Mallorca. "1200 kilometer op 8 dagen", zei hij haast achteloos. Hoorde ik toch niet enige fierheid in zijn stem? We spreken hier wel over 150 kilometer per dag! Ook Jef de Schoenmaecker oogde scherp. Hij was sinds het afsluiten van zijn carrière geen gram bijgekomen. En wie denkt dat Merckx rustig meepeddelde, heeft het mis. Attent reed hij vooraan in de groep, en op iedere helling zwoegde hij om met de besten boven te komen. Het kannibalenzweet gutste in het rond. Een week later hoorde ik dat Rik Van Looy, 73 jaar toch al, aan de zijde van Ludo Dierckxens tegen 40 km/u en sneller over de Kempische wegen scheurde. Misschien probeerde hij om Eddy Merckx, die ook meereed in dezelfde groep, los te gooien. Tussen Herentals en Meise is er een rivaliteit die nu eens smeult, en dan weer oplaait, maar die nooit zal gedoofd worden. Nog een voorbeeld? Rolf Aldag, Germaan puur sang, krijger van 10 Tours de France, tempobeul bij T-mobile voor "der Jan" en Erik Zabel, nooit verlegen om een laatste, uiterste krachtinspanning. Rolf, 37 jaar ondertussen, vond dat het na vorig jaar welletjes was geweest. Hij had thuis een lieve vrouw, die bovendien nog in verwachting was. Zij had Rolf al te lang moeten missen. Tijd om meer bezig te zijn met het gezin dus, tijd om de fiets aan de haak te hangen, tijd om nog een beetje recreatief te sporten. Niet zo met Rolf! Rolf begon, na 3 weken rust, opnieuw te trainen, dit keer voor de triatlon. Dat leek hem wel wat, en deelnemen in Hawaii zag hij ook wel zitten. Vier weken geleden liep hij zijn eerste marathon, en vorige zaterdag zag ik hem in Lanzarote liggen in de medische tent, leeggestreden na 10 uur en 22 minuten wedstrijd, met mevrouw Aldag aan zijn zij. "Je kan me nu geven wat je wilt, doc, ik ben gestopt met wielrennen" hoorde ik hem zeggen. Renners zijn geen watjes, Patrick. Zij weten echt niet van ophouden!

Vrijspraak

"Zeer dringend! Ondergetekende gerechtsdeurwaarder brengt U ter kennis dat een exploot, voor U bestemd, heden alhier werd aangeboden. Maar aangezien, na herhaald bellen en kloppen, niemand opent, zo werd dit exploot ter uwer beschikking afgegeven op de POLITIE-AFHAALPOST van Uw politiezone (...)". Gelukkig bleek mijn voordeur nog onbeschadigd te zijn. Het "exploot" loog er echter niet om: "Wij, Procureur des Konings, gelasten en bevelen aan elke hierote bevoegde gerechtsdeurwaarder of agent van de openbare macht te dagvaarden: (...) om te verschijnen de .... om 9.00 uur voor de politierechtbank zitting houdend te (...) om aldaar zijn/haar verweermiddelen voor te dragen en op onze besluiten het vonnis te horen uitspreken. BEKLAAGD als hebbende te Arendonk op 29 januari 2006 (...)" Ik bleek op betrokken dag op de autosnelweg de wegcode niet gerespecteerd te hebben, en ter hoogte van een mobiele werkplaats 119 km/u te hebben gereden, daar waar 70 km/u de maximaal toegelaten snelheid was. Ik was fout, zo fout als maar kan. Maar toch ga ik verzachtende omstandigheden pleiten. Mijn verdediging zal er ongeveer zo uitzien: "Geachte heer de voorzitter. Je moet me begrijpen. Op die ochtend was ik verstrooid, in gedachten verzonken. Ik was op weg naar een wedstrijd en overliep alle mogelijke wedstrijdscenario's die mijn poulain naar de overwinning zouden kunnen leiden. Ik analyseerde zijn tegenstanders en schatte de impact van de ijskoude weersomstandigheden in op zijn kansen. Om eerlijk te zijn, de flits bracht me maar even uit mijn concentratie. Ik had, toen nog, andere zorgen om mijn hoofd. En zie, mijn voorgevoel zou me niet bedriegen. Even vóór vier uur in de namiddag gebeurde het. Juist, net dan schoof het voorwiel van Sven Nys onderuit. Weg overwinning, weg titel. Een bittere pil, voor Sven, maar ook voor mij als coach en vriend van Sven. Ben ik nog niet genoeg gestraft? Ik vraag om uw begrip, en dus om de vrijspraak." Ik kan alleen maar hopen dat de voorzitter geen supporter is van B.W.

maandag, mei 22, 2006

Geoefende blik

Stijn Coninx, die met een kleine filmcrew was neergestreken in Lanzarote om een film te maken over Marc Herremans, was tussen de opnamen door een meer dan aandachtig toeschouwer van de Ironman. Met duizend waren ze aan de start gekomen, verenigd door de wil om op één dag tijd te evolueren van gewone sterveling tot Ironman. De oudste deelnemer was 70 jaar oud, en ook hij redde het. Stijn stond erbij, en hij keek ernaar, met een warme, meelevende blik. Hij bewoog zich duidelijk in een nieuwe, voor hem ongewone werkomgeving, in een misschien wat vreemde wereld. De wereld van de sport, van de extreme sport dan nog, een wereld die de zijne (nog) niet is. "Wat drijft Marc en al die andere atleten toch om aan een dergelijke waanzinige opdracht te beginnen", zag ik hem bijna hardop denken. Met de geoefende blik van een topregisseur zocht hij naar nieuwe invalshoeken, naar die momenten waarvan alleen hij weet dat ze zijn film zo uniek zullen maken. Hij zag emoties, echte, geen gespeelde of ingestudeerde. Hij zag winnaars en verliezers. Hoewel, wat heet een verliezer te zijn als je de 226 kilometer hebt volbracht binnen de toegestane tijdslimiet, als je de wedstrijd op een "redelijk" menselijke manier hebt overleefd?

"Ben je tevreden?" deel 2

0:58 lees ik ondertussen rechts onderaan op mijn beeldscherm. En nog ga ik niet slapen, niet vooraleer ik u deelgenoot het gemaakt van het zoveelste kippenvelmoment dat Marc mezelf en duizenden toeschouwers heeft bezorgd in Lanzarote. Nog maar eens perfect bijgestaan door zijn vriend en buddy Dirk Van Gossum (een standbeeld voor die man!) begon hij om 7.00 u 's ochtends aan een onwaarschijnlijke raid rond het eiland, tegen de wind, berg op en af, langs de plek die voor hem alles in een ander perspectief heeft geplaatst. In totaal 226 kilometer, louter op armkracht, deels in de Atlantische Oceaan, deels op een fietsparcours met een hoogteverschil van 2600 meter, deels op en af langs de zeedijk van Puerto del Carmen. 14 uur en enkele minuten had hij ervoor nodig, en mocht hij niet 10 kilometer hebben moeten wheelen met een lekke band, dan was zijn vooropgesteld doel van minder dan 14 uur, 3 uur sneller dan het vorige wedstrijdrecord, een feit geweest. Voor de zoveelste keer doceerde Marc in het vak doorzetting en positivisme. Aanschouwelijk onderwijs wordt zoiets genoemd. Ik was blij dat ik de les mocht volgen, helemaal van op de eerste rij. "Jij bent geen Ironman, Marc. Jij bent meer dan een Ironman." Dat zei een oudere deelnemer, die uitgeput, net als Marc, op een veldbed aan een baxter lag. Wat kan ik anders doen dan me daarbij aan te sluiten. Tevreden.

"Ben je tevreden?" deel 1

Ik ben net terug thuis van mijn trip naar Lanzarote. Onderaan rechts van mijn computerscherm zie ik 0:13. Zondagnacht is dus al 13 minuten overgegaan in maandagochtend. Ik zou in mijn bed moeten kruipen. Ik doe het echter nog niet. Mijn "molen" draait nog op volle toeren, en ik voorzie het eerste uur nog geen sputtering van de motor. Mijn slaap is even ver weg als de overwinning voor Luc Van Lierde, zaterdag tijdens de Ironman. "Ben je tevreden?" Dit sms'je kreeg ik na de wedstrijd van mijn zoon Nick. Afzonderlijk zijn het drie simpele woorden. Achter mekaar uitgesproken veranderen ze in een moeilijke vraag. Natuurlijk hoopte ik dat Luc een top-5 plaats uit de brand had kunnen slepen. Het zat erin. Tijdens de eerste dertig kilometer van de marathon had hij zich naar de zo begeerde vijfde plaats geknokt, en met nog 10 km te gaan (lopen) zag het er goed uit. Tot hij me toeriep: "Ik ben helemaal kapot." Ik vreesde het ergste, en toen zijn totaal uitgeputte spieren verstijfden en verkrampten was het over. Maar juist tijdens die laatste verschrikkelijke kilometers zag ik dat de nieuwe Van Lierde was opgestaan. De oude zou uit de wedstrijd gestapt zijn, misschien al veel eerder toen hij tijdens de eerste fietskilometers de juiste kadans niet vond en van de koppositie na de zwemproef op kilometer 70 was weggezakt naar een tiende plaats, toen al ver achter de andere favorieten. Hij schudde met het hoofd, en riep dat hij pijn had in zijn rug. "Rijden, ze hebben gvd allemaal wel ergens pijn" schreeuwde ik. " En plots begon hij beter te fietsen. Ondanks de licht teleurstellende zevende plaats heeft Luc een grote overwinning behaald, tegen zijn eigen oude ik. Hij heeft zijn lang verloren gewaande vechtersmentaliteit terug gevonden. Ik ga hem verder helpen, naar de top!

vrijdag, mei 19, 2006

En toch....

De wind waait hier verschrikkelijk hard. Hier is Lanzarote, op de vooravond van de wedstrijd. Ik weet echt niet hoe Marc morgen deze tegenstander zal kunnen overwinnen. 17 uur heeft hij, 17 uur om 3.8 km te zwemmen, 180 km te fietsen met zijn handbike, en 42 km te wheelen. Het wordt een helletocht, met de duivel op de hielen, en toch zo moeizaam. Ook Luc had het (veel) liever anders gezien. Hij is eigenlijk een flyer, hij houdt dus niet van het zware labeur, het beuken, meter na meter, tegen die meedogenloze wind. Ook voor mij wordt het een lange dag. Opstaan om 5.00u, naar de start, Marc assisteren voor de start van de eerste proef, wellicht de gemakkelijkste. Luc opwachten na de zwemproef, Marc uit het water helpen en hem op weg zetten voor een rondje Lanzarote. Dan het parcours op, Marc en Luc proberen te spotten, tussentijden opnemen, rekenen, voorspellingen maken, hopen en bidden. Uitkijken naar de verlossende finish. Morgen zal er niks anders zijn, de wereld zal voor mij een dag stilstaan. En toch weet ik dat het eigenlijk allemaal niet veel betekent, dat ongelukkig zijn niet echt ongelukkig mag zijn, en gelukkig niet al te gelukkig. Er zijn belangrijker dingen gaande in de wereld. En toch....

donderdag, mei 18, 2006

Naast het parcours

Als alles goed gaat dan sta ik zaterdagochtend samen met Marc Herremans en Luc Van Lierde aan de start van de Ironman in Lanzarote. Niet als deelnemer, maar als toeschouwer, als coach, als begeleider en vooral als "meelijder". Ook bij mij voelen de benen een beetje loom aan, alle mogelijke wedstrijdscenario's scrollen haast oncontroleerbaar door mijn hersenpan, ik begin iets prikkelbaarder te worden, mijn hart begint beduidend sneller te kloppen als ik aan de wedstrijd denk, en mijn nachtrust heeft te lijden aan prewedstrijdstress. Ik hoop dat Marc zijn verstand zal gebruiken, en binnen de limieten van het menselijke zal blijven tijdens het fietsen en het wheelen. De ervaring van zijn laatste wedstrijd in Hawaii, waar Dirk en ik hem de day after, koortsig en totaal uitgeput moesten droppen op de afdeling intensive care van een kliniek in de middle of nowhere, staat me nog haarscherp voor de geest. Ik vrees echter dat hij zichzelf nog maar eens zal willen overtreffen. Ik weet dat hij de wedstrijd van zaterdag zal willen gebruiken om af te rekenen met de zwarte kaart die hij daar trok op maandag, 28 januari 2002. Na zaterdag zal hij Lanzarote niet meer willen associëren met die val die, even toch, zijn leven in een andere richting dreigde te sturen. Integendeel, Lanzarote moet na zaterdag voor hem het eiland worden waar hij een straffe sportieve prestatie heeft neergezet. Ik hoop dat Luc Van Lierde zaterdag zichzelf terug vindt. Ik reken erop dat het dagdagelijkse contact met Marc hem de mentale kracht zal geven om door te bijten als de machine begint te stokken, als iedere spiervezel begint pijn te doen, als doorzetten het verschil zal maken tussen winst en verlies. Nooit geloofde ik meer in het oertalent van een atleet. Meer dan ooit weet ik dat één goede wedstrijd hem terug aan de absolute top zal brengen. Ik zal de avond vóór de wedstrijd een pokerface moeten opzetten, al mijn talent als motivator moeten aanwenden om de ene atleet in te houden, en de andere te pushen. En op de dag van de wedstrijd zal ik er staan, voor hen beiden, ondergaan, coachen, en hopen op een goede afloop.

Push Marc, push

Zaterdagochtend, 7 u plaatselijke tijd, begint Marc Herremans aan een bijzonder zware verkenningstocht van het Canarische eiland Lanzarote. De befaamde plaatselijke Ironman wordt dan op gang geschoten. Omdat hij de enige deelnemer is in de handcycling division, zijn zijn belangrijkste tegenstanders de afstand, de hitte, de wind, het haast bergachtige parcours en de mentale spinsels die hem ongetwijfeld parten zullen spelen als hij voorbij de plaats van zijn ongeval komt. Maar er is nog iemand die hij moet verslaan, een vriend, een postume tegenstander. Begin dit jaar stond voor Marc en mezelf de wereld even stil toen we vernamen dat Randy Cadell in Kona om het leven was gekomen tijdens een trainingstochtje, aangereden door de wagen van een eigen clubmakker. Randy was een meervoudig winnaar van de Ironman van Hawaii met de handbike, en hij is de enige die er ooit in slaagde met de handbike de wedstrijd in Lanzarote uit te rijden: 16 uur, 59 minuten en 45 seconden was zijn tijd. Toen Marc en ikzelf in 2002 opnieuw in Hawaii aankwamen werden we ongelooflijk opgevangen door onder andere Randy. Zijn bijnaam was ginder "the animal", omwille van zijn onverzettelijk doorzettingsvermogen tijdens de wedstrijden. Een eigenaardig man, die een beetje cynisch vertelde hoe hij als jonge gast liever een bak bier leegdronk dan hem mee te voeren op het achterste van zijn moto. Vandaar die rolstoel... Ondanks het feit dat hij toen al wist dat Marc binnen zeer afzienbare tijd een sterke tegenstander zou worden voor hem, overstelpte hij ons met tips en bood hij Marc aan om, wanneer hij ook maar wilde, zijn gast te zijn bij hem thuis en samen te trainen. Aan Randy denken en erover schrijven is nog altijd een beetje moeilijk. Toen ik op een keer afscheid van hem nam in Hawaii, omarmde hij me, en zei hij: "You're my brother". Marc wil nu beter doen dan Randy, voor zichzelf, maar ook als eerbetoon aan Randy. Marc zal laten zien dat Randy's hulp niet voor niks is geweest. En ik ben er zeker van dat Randy, van waar ook, de wedstrijd mee zal volgen en zal zeggen: "Push Marc, push. You can do it."

woensdag, mei 17, 2006

Verkeerde keuze

Het blazoen van mijn schoolcarrière vertoont een vlek. Eigenlijk is het meer een spatje, maar toch, het is er, voor altijd en onuitwisbaar. Lang geleden, toen de dieren maar pas waren opgehouden met praten, en in de tijd dat de Beatles begonnen te beseffen dat zelfs het hechtste vriendenclubje niet bestand was tegen geld en roem, werd mijn vakantie grondig verpest door een herexamen wiskunde. Dit om maar te zeggen dat rekenen niet mijn sterkste kant is. Toch waag ik me, naar analogie met de berekening van Michael Ballacks inkomen per geraakte bal (2677 euro), aan een andere en deze keer volledig eigen rekenkundige "spielerei". Aangezien ik niet over alle gegevens beschik ben ik wel verplicht uit te gaan van een aantal stellingen of axioma's (zoals dat in mijn tijd in de moderne wiskunde heette) : 1. Tom Boonen verdient, contract en reclame-inkomsten inbegrepen, ongeveer 1.5 miljoen euro per jaar. 2. Hij rijdt 90 wedstrijden per jaar. 3. De gemiddelde afstand van deze wedstrijden bedraagt 200 kilometer 4. De gemiddelde snelheid tijdens al die wedstrijden bedraagt 43 km per uur. 4. Tom fietst met een gemiddeld verzet van 53 x 14. Hij legt dus, ook weer gemiddeld, 7,65 meter af per omwenteling. Het wedstrijdseizoen van Boonen bestaat dus uit 18000 wedstrijd-kilometers. Hij verdient 83.3 euro per afgelegde kilometer en 3.6 euro per wedstrijdminuut. Wat meer is, een pedaalomwenteling brengt amper 63.6 eurocent op. Bovendien wordt van hem ook nog eens verwacht dat hij na een val onmiddellijk rechtstaat, zelfs als hij met een snelheid van 50 kilometer/uur tegen het asfalt is gesmakt en pas na meters schuiven en rondtollen tot stilstand is gekomen. Wedden dat Ballack haast niet bij komt van het lachen als hij deze cijfers onder ogen krijgt? Daarmee heb ik zonder meer het wiskundig bewijs geleverd dat Tom Boonen voor de verkeerde sport heeft gekozen. Het spatje is weer wat kleiner geworden.

dinsdag, mei 16, 2006

Goedkope coach gezocht

Dominique D'Onofrio is niet langer trainer van Standard. Reden: een gebrek aan respect, of hoe noem je het als je graszoden naar je hoofd geslingerd krijgt na de laatste wedstrijd van een hoe dan ook toch wel spannend voetbalseizoen. En toch klinkt "gebrek aan respect" een beetje vreemd uit de mond van een coach die de verdediging van zijn sterspeler Conceicao op zich nam, nadat hij gespuwd had naar een tegenstander en zijn truitje in het gezicht van de scheidsrechter had geduwd. Ik krijg alleszins liever een kluitje zand met lekker mals gras tegen mijn hoofd dan een vieze rochel van een dolgedraaide gouden schoen in mijn gezicht. Soms moet je keuzes maken in het leven. Maar goed, Standard zit zonder trainer. Er moet dus een nieuwe komen. Liefst een goedkope, zo las ik nog in de krant. Michel Preud'homme zou niet afkerig staan tegen de komst van Eric Gerets. Misschien is Gerets wel de geschikte man, en of hij duur is? Naar verluidt verdient hij in Turkije een pak lira's. Een equivalent van 1 miljoen euro per jaar, 40 miljoen oude Belgische franken. Zouden de winstpremies inbegrepen zijn? Toch gaan er nog heel andere bedragen rond in de wereld van het "spelletje". Ballack gaat bij Chelsea ongeveer 12 miljoen euro verdienen, jaarinkomen en reclamecontracten inbegrepen. Volgens mensen die het kunnen weten, kenners dus, is het al een hele prestatie mocht een voetballer 90 keer per wedstrijd een bal beroeren, met de voet of met het hoofd (handspel wordt bestraft, en wordt daarom niet meegeteld). Ballack zou dus, op basis van 50 matchen per jaar, ongeveer 2670 euro per balcontact opstrijken. Als hij een beetje lui is, en zich wegstopt, kan dat oplopen tot 4000 euro per - laat ons hopen oogstrelende - baltoets ... Preud'homme, man toch, haal Gerets binnen. Je doet echt wel een koopje!

De coach en de GSM

Ik heb, op zijn zachtst uitgedrukt, een tamelijk druk bestaan. Zonder het begrip van mijn vrouw zou het me onmogelijk lukken op al die verschillende fronten actief te zijn. Zij is zonder meer mijn onvoorwaardelijke steun en toeverlaat. Vanmorgen, bij het ontbijt, zei ik (nog maar eens) wat een gelukkig man ik wel was met zo'n dame aan mijn zijde. "En toch ben ik niet uw nummer één", antwoordde ze, me recht in de ogen kijkend. Dit was een reactie die kon tellen, zo midden in een grote hap muesli (gezond ontbijt voor alles). Zelfs als je recht in de schoenen staat is zo'n antwoord voldoende om je stresshormonen, in vakterminologie cortisol en adrenaline genoemd, in een rotvaart door je bloedvaten te voelen razen. "Ik kom zelfs niet op numer twee" ging ze genadeloos verder. "Eerst staat je gsm, dan je computer, en dan kom ik, misschien toch. Als je atleten je opbellen, dan laat je onmiddelijk alles vallen, waar je ook bent, met wie je ook praat." Eigenlijk zat daar, als ik eerlijk ben, minstens een grond van waarheid in. Een gsm is een onmisbaar attribuut geworden van een coach die zijn vak ernstig neemt. Coachen is immers veel praten met en nog meer luisteren naar je atleten. Coachen is samen met je atleten trainingen en wedstrijden analyseren. Coachen is zoeken naar oplossingen bij gebrekkige recuperatie en bij blessures. Coachen is de wedstrijdtactiek bespreken, samen gelukkig zijn bij een overwinning en samen even ongelukkig zijn bij een nederlaag. Coachen is nu eens de druk opvoeren, dan weer de druk wegnemen. Coachen is je atleet nu eens aanvuren, dan weer temperen. Coachen is voedingsadvies geven, bloedwaarden analyseren, trainingsschema's maken, hartslagzones bepalen, melkzuurtesten afnemen, soms met kleine leugentjes achter de waarheid komen. Coachen is twijfels wegnemen door je eigen twijfels te verstoppen. Coachen is het maximale rendement uit je atleet halen. Coachen is .... vermoeiend.

maandag, mei 15, 2006

Kroonprins

Stefan Everts viert dit jaar zijn afscheid met een tiende wereldtitel. Zoveel lijkt nu al, amper vier WK -manches ver, zeker. Ogenschijnlijk ongenaakbaar domineert Stefan het hele brommende veld, soepel sturend en jumpend, ver voor zijn machteloze tegenstanders. Na Everts staan echter de Belgische opvolgers te drummen. Ramon, Strijbos en De Dijcker knokken iedere week opnieuw voor de dichtste ereplaatsen. Vooral Kevin Strijbos lijkt het meest in aanmerking te komen om het kroonprinskroontje op de helm te zetten. Jong, flamboyant, soms lui, soms gedreven. Ambitieus als alles perfect verloopt, moedeloos in moeilijke perioden. Het ontbreekt de dorpsgenoot van Marc Herremans niet aan vedetteallures. Maar hij heeft wel talent zat, geen insider die daaraan twijfelt. Vorige week nog kwam hij, samen met zijn trainer Yves Demeulemeester, bij mij voor een inspanningstest op de fiets. Kevin had iets recht te zetten. In januari leverde hij op eenzelfde test een haast beschamende prestatie af. Nu was het aan hem om te bewijzen dat hij tijdens de laatste maanden wèl goed gewerkt had. Hij stampte, hijgde, kreunde en vocht tegen de alsmaar toenemende belasting. Hij joeg, onder het goedkeurend oog van zijn trainer, zijn hartslag tot de hoogste limiet. Het bloed trok meer en meer weg uit zijn gezicht, en hij kraakte pas toen hij dicht in de buurt kwam van een weerstand die slechts door degelijke wielrenners wordt overwonnen. Uitgeput viel hij haast van zijn fiets, en bijna hyperventilerend kwam hij, lang uitgestrekt op de grond, langzaam terug bij zijn positieven. Kevin is uit het goede hout gesneden. Zijn tegenstanders mogen gewaarschuwd zijn.

zondag, mei 14, 2006

Stapje richting Peking

De Olympische Spelen in Peking beginnen zo stilaan heel wat atleten kopbrekens en af en toe ook slapeloze nachten te bezorgen. De jacht op de selectieminima wordt hier en daar al geopend, en coachen en atleten plannen en trainen in functie van deelname aan dit grootste sportfeest ter wereld. Onzekerheid troef. De enige zekerheid is dat de Chinese accomodatie grotendeels klaar is, en dat de choreografie van de openingsceremonie nu al met een oosterse nauwkeurigheid ingeoefend werd door een fantastisch contingent dansers en acrobaten. De Belgische triatlonhoop rust bij de 22-jarige Peter Croes, die over enkele weken begint aan een reeks wereldbekerwedstrijden die hem hoog genoeg in de internationale ranking moet brengen om zijn toegangspasje voor het Chinese atletendorp te verdienen. Gisteren nog stond hij aan de start van het Belgische kampioenschap sprinttriatlon. Eigenlijk was het een niet echt gemakkelijke opdracht, omdat winnen de enige optie, zelfs zijn verdomde plicht was, gesteund als hij is door zijn sponsors, het BOIC, het BLOSO, zijn vader (trainer) en mezelf. "Ik ben verschrikkelijk zenuwachtig" zei hij me enkele dagen voor de wedstrijd. Ik antwoordde dat een atleet die ambitie heeft om deel te nemen aan de Olympische Spelen, en zelfs droomt van een medaille, absoluut geen problemen mag kennen om een B.K. te winnen. Een atleet met ambitie mag je al eens onder druk zetten. In april zwom, fietste en liep hij tijdens een stage van twee weken in Lanzarote respectievelijk nog 45 km, 750 km en 90km. Eén week geleden nog zag ik hem op piste 10 x 800m lopen, telkens in ongeveer 2 min en 12 sec. Zijn vader en ik stonden erbij, en we zagen dat het goed was. Peter deed wat van hem verwacht werd. Hij won autoritair, en met flair. Het eerste (kleine) stapje in een nog lange weg richting Peking is gezet.

Giro d'Italia

Verbrugghe wint een rit in de Giro. Knap, en bewonderenswaardig van Rik, van wie het leek dat hij kortademig was geworden door zijn al lang tanende reputatie alsmaar nieuw leven in te blazen met stoute en zelden volbrachte voorspellingen. Verbrugghe behoort tot de lichting Aerts, Demarbaix, Detilloux en nog wat anderen die eind de jaren negentig op weg waren hun generatie goud in te kleuren. Klatergoud, zo bleek later. De vraag blijft waarom deze renners, stuk voor stuk toch getalenteerd, nooit zijn doorgebroken op het hoogste niveau. Een te hoog verwachtingspatroon? Slachtoffer van malafide medische begeleiding? Verwend door te hoge contracten? Gebrek aan karakter? Sporters-burnout? Alleen zij weten het antwoord. Hopelijk is Verbrugghe's overwinning niet de laatste Belgische prestatie in Italië, maar ik zou er toch mijn huis niet durven op verwedden. België's klimhoop in bange dagen, Wim Van Huffel, lijkt zijn erg lauwe voorbereiding op de Giro ter plekke verder te zetten, en hij kijkt na enkele bulten dan ook al op een achterstand van meer dan zeven minuten aan. Niet goed voor de "moral", in het zicht van het hooggebergte. Ik vrees dat Van Huffel, die pas de hartslagmeter schijnt ontdekt te hebben en graag koketteert met het feit dat een bak Leffe tot zijn persoonlijke bagage behoort telkens hij de deur voor enkele dagen achter zich toetrekt, al te vlug in ademnood zal komen als Basso, Di Luca en Savoldelli er een kleine 1000 meter boven zeeniveau "een snok" aan geven. Marc Coucke kan dan de sportbestuurders van Lotto-Davitamon nog maar eens vrolijk voor schut zetten door zich hoogstpersoonlijk met de sportieve zaken te gaan bemoeien. Ondertussen hebben de topteams het gevecht om het jonge talent ingezet. Nick Nuyens en Jurgen Van den Broeck zien de euro's in getallen waarvan ze het bestaan niet eens kenden om de oren vliegen, en ook jonge beloften die nog niet eens bewezen hebben profwaardig te zijn krijgen al tintelende oogjes als ze thuis de telefoon horen rinkelen. Misschien zit daar wel het probleem.

zaterdag, mei 13, 2006

zwart, en superieur

De Amerikaan Justin Gatlin heeft gisteren op de atletiekmeeting in het Qatarese Doha een nieuw wereldrecord gevestigd op de 100 meter. 9.76 seconden is de nieuwe toptijd, één honderste beter dan de tijd die de Jamaïcaan Asafa Powell bijna één jaar geleden nodig had in Athene. Zelden werd de suprematie van de zwarte spurters, in 1936 al verpersoonlijkt door de figuur van Jesse Owens, doorbroken. Valerie Borzov was tijdens de Olympische Spelen van Munchen (1972) één van de schaarse uitzonderingen. Niemand waagt het om de prestaties van Gatlin en co in een minder daglicht te stellen omwille van hun huidskleur. De zwarte sprinters kunnen bogen op het respect van iedere echte sportliefhebber. Sport is daarom veel meer dan een gratuite vrijetijdsbesteding. Sport is zowat een wereldreligie waar blanken en kleurlingen, christenen en moslims, Oost-Europeanen en West-Europeanen op een geoorloofde manier samen met elkaar, dikwijls letterlijk schouder aan schouder, vechten voor tijdelijke, en soms eeuwige sportroem. Iedere echte sportliefhebber moet zich daarom ook afzetten tegen individuen en groeperingen die ook maar een zweem van racisme en onverdraagzaamheid met zich meedragen. Vooral in voetbal wordt meer dan eens de grens van het toelaatbare overschreden. Scheidsrechters en voetballers zouden onmiddellijk het spel moeten stilleggen bij de eerste racistische schreeuw naar een gekleurde speler. De echte supporters zouden moeten rechtstaan, zich wenden tot al diegenen die onduldbaar racistisch gedrag vertonen, en ze zouden traag in de handen moeten klappen tot het uitschot het stadion verlaten heeft. Hetzelfde zou ook moeten gebeuren tijdens alle andere sportmanifestaties. Zo kunnen sport en iedere echte sportliefhebber nog meer bijdragen tot een leefbare maatschappij, en kunnen drama's zoals gisteren in Antwerpen misschien vermeden worden.

donderdag, mei 11, 2006

Papa Dirk

"Net 161 kilometer gefietst, gemiddelde snelheid 31.7 km/u. Onmiddellijk nadien 5 kilometer gelopen, tempo 3'30"/km. Goed gevoel" (Luc) "110 kilometer gefietst, moeilijke omstandigheden, heel veel wind. Gemiddelde snelheid iets minder dan 20 km/u. Nu vertrekken we naar Club La Santa om een zwemtraining af te werken." (Marc). Het harde trainingslabeur loopt stilaan op zijn einde. Volgende week zaterdag, op 20 mei, starten Marc Herremans en Luc Van Lierde in de Ironman van Lanzarote, één van de hardste wedstrijden ter wereld. Marc gaat er de strijd aan met de afstand,de hitte, de wind, en vooral met zichzelf, langs de plek waar zijn droom nu al meer dan vier jaar geleden op een scherpe rots uiteenspatte. Ook Luc staat voor een harde strijd. Hij moet volgende week zaterdag zichzelf terugvinden, terug de atleet worden die hij enkele jaren geleden nog was, en vooral opnieuw leren geloven dat zijn rol in Hawaii nog niet is uitgespeeld. Ik had er nu al graag bij geweest. Ik had het parcours al willen verkennen, de wind en de hitte willen voelen, de zo eigen Ironmansfeer willen opzuigen tot op de bodem van mijn longen. Ik had er al bij willen zijn, delen in het enthousiasme van Marc en Luc. Ik had hun twijfels willen wegpraten. Toch ben ik niet ongerust. Dirk Van Gossum, zevenvoudig Belgisch kampioen en gewezen winnaar van de Ironman van Lanzarote (2000) is bij hen. Hij zal met zijn klare kijk alles oplossen, voor alles zorgen, rust brengen, zijn immense ervaring ten dienste stellen van Marc en Luc. Ik hoef me geen zorgen te maken, mijn twee atleten zijn in goede handen.

Traint Sven Nys al?

"En, wat doet Sven Nys nu zoal om zijn tijd te verdrijven? Wanneer begint hij terug te trainen?" Deze vraag kreeg ik de laatste weken meermaals te horen. Blijkbaar denken velen dat een veldrijder pas een drietal weken voordat het veldritseizoen van start gaat zijn nog vuile outfit uitwast en zijn fiets, die ergens verweg verstopt ligt in een hoek van zijn garage,opduikelt. Neen dus. Sven is na het wedstrijdseizoen welgeteld 3 weken van zijn fiets gebleven, en ondertussen heeft hij er al een stage van 10 dagen opzitten in Mallorca met trainingsritten tussen de 4 en de 7 (zeven!!!) uur. Gisteren nog fietste ik even met hem mee tijdens de opwarming van zijn bostraining. Ondanks het feit dat ik een degelijk getraind wielertoerist ben, reed ik al vlug dicht bij mijn limiet. Ik probeerde mijn ademhaling redelijk onder controle te houden, en ik vroeg Sven hoe hoog zijn hartslag op dat ogenblik was. "106", antwoordde hij... Zijn schema van deze week ziet eruit als volgt: Maandag: 66' krachttraining op rollen + 120' souplesse achter de moto Dinsdag: 40' rustige duurloop + 180' rustige duurtraining met de MB Woensdag: 60' bostraining met korte explosieve ritmeveranderingen + 120' souplesse op de weg Donderdag: 40' rustige duurloop + 150' rustige duurtraining met de MB Vrijdag: 66' krachttraining op rollen + 120' souplesse achter de moto Zaterdag: 330' training in de Ardennen, op de hellingen hoog tempo Zondag: 60' losrijden Lang niet slecht, 4 maanden voor de start van het veldritseizoen.

woensdag, mei 10, 2006

Investeren

Vic Keersmaekers, praesis van de wegens omkoping tot degradatie veroordeelde voetbalclub Geel is kwaad, meer nog, hij is woedend, des duivels. Zijn club mag namelijk niet de eindronde spelen, en verliest zo alle kansen om alsnog in tweede klasse te blijven. Een financieel drama, zo zegt hij. "Er stonden nieuwe investeerders en bestuurders klaar,maar ik vrees dat ze zullen afhaken". Investeerders??? Betekent investeren niet "(geld) aanwenden met een productieve bestemming" (van Dale, Handwoordenboek Hedendaags Nederlends)? Investeren in een continu verlieslatende activiteit, in schier een bodemloze put? Hoezo? Wat bezielt mensen als Vic Keersmaeckers, Leo Theyskens (Lierse) en quanti tutti om tegen beter weten in tientallen miljoenen te (blijven) pompen in een onomkeerbaar slecht draaiende business, in sjoemelende voetbalspelers die beter met Chinese stokjes eten dan een bal in de (juiste) netten trappen, in pseudovedetten die, veel meer dan wel renderende topmanangers, ruim overbetaald worden? Kan iemand hierop een antwoord geven?